Ik sta bovenop de laatste bergtop van het hooggebergte. Links beneden zie ik de zee en rechts beginnen de bergen weer. En daar tussenin gedrapeerd ligt Matsuyama, de hoofdstad van de provincie Ehime en mijn lievelingsstad op Shikoku. Ondanks dat ik haar nu al zie liggen duurt het nog anderhalve dag voor ik er ben. Voorpret heet dat!
Ik heb in de eerste helft van mijn pelgrimage te snel en te veel per dag gelopen. Het zit in het beestje en die gretigheid is niet de kop in te drukken. Resultaat is wel dat ik nu veel te vroeg in de reis in Matsuyama aankom. Daarom besluit ik - net als iemand met honger in een supermarkt - al twee dagen van te voren overvloedig 'tijd' in te kopen: ik boek vier nachten in 'mijn' stad. Kom ik die tijd wel door? O ja, als er maar genoeg cafe's zijn!
En die zijn er.
En zo daal ik af naar de stad waar zo veel pelgrims van over de hele wereld van houden. Mijn liefde zit hem echter in iets dat ik niet vaak aantref in grote steden. Het centrum van Matsuyama is in mijn ogen namelijk een ratjetoe aan 'pogingen tot stadplanning'. En bij pogingen is het gebleven. Dat maakt deze stad nou zo heerlijk. Want je wordt om elke hoek verrast. Het is als een onevenwichtig gerecht, waarvan je denkt, wie stopt in godsnaam deze ingrediënten bij elkaar! Maar als je het proeft is het lekker, ook al weet je niet precies waarom.
Nou wordt er so wie so op Shikoku, qua landschapsarchitectuur, wat aangeklooid. Het oude en nieuwe worden gretig bij elkaar gekwakt alsof er geen geschiedenis tussen zit. Her en der worden betonnen wanden en nieuwe wegen om honderden jaren oude heiligdommen heengebouwd en op tempelterreinen vind je naast euwenoude gebouwen ook Disney-achtige wegwijzerfiguurtjes en drankautomaten. Tokushima spant de kroon met een reusachtig vierkanten, betonnen gebouwencomplex, zonder kleur en alleen in vierkanten; een bunker. Op de massieve togangsgallerij van dit gedrocht staat godbeterd een replica van een volledig trempelcomplex.
Ik bedoel maar.
Voor de derde keer ben ik in Matsumaya en het eerste waar ik, als pelgrim, langs kom is de indrukwekkende tempel Ishiteji.
Een beeldentuin trekt me uit de bezineluchten van de straatweg, binnen in de sfeer van contemplatie. Dan loop ik onder een donkere arcade naar de toegangspoort van de tempel en betreedt een groot, zanderig terrein waar her en der de imposante heiligdommen staan. Wat het echter zo speciaal maakt is de continue dikke walm van wierook die van rechts, uit een enorme stenen bokaal, om me heen valt. De bokaal staat voor een donker en mysterieus heiligdom.
Deze eenenvijftigste tempel heeft die speciale verdikking van zintuigelijkheid, die mijn spirituele beleving, net als in een Katholieke kerk, een aardse en bijna gevaarlijke lading geeft. Vreselijk aantrekkelijk.
Maar hoe ontnuchterend als ik daarna weer langs de straatweg verder loop en opeens tussen supermarkten, lelijke flatgebouwen en verkeershectiek terecht kom. Die weg loopt echter in een cirkel om een werkelijk schitterend parkje heen: Dogo Park. En dat is dan opeens een kleine oase van intense bloemen- en plantenpracht. Verlaat ik het park echter aan de andere kant, dan botst een brede verkeersweg al na een paar meter onlogisch op tegen een diagonaal in het straatbeeld geplaatst houten gebouwtje en eindigt daar ook. Dat gebouwtje is niet bepaald Japans. Wat het wel is weet ik niet, maar het hoort wat mij betreft, qua pastel-gekleurd hout, vierkanten raampjes en kokette metalen afwerking, thuis in het Parijs van het Fin de Ciècle. Het is een oud stationsgebouwtje en het begin van een tramlijn, Achter het gebouwtje prikt het rangeergedeelte van de tramlijn 'onhandig' in een lieflijk buurtje waar ook mijn guesthouse is. De oude, houten trammetjes, die men in veel steden op Shikoku in ere houdt, lopen vanaf hier de rest van het recht toe recht aan gebouwde moderne gedeelte van de stad in, waarbij zij niet altijd over de straten lopen, maar letterlijk huizenblokken slingerend doorsnijden en uitkomen bij onder andere Matsuyama Station, alwaar een klein koffiehuisje zit, luisterend naar de naam 'Aunt Stella' die koekjes verkoopt naar recepten uit 'Dutch County', USA. Oja, daarnaast staat weer een mega mall...
Lezer, heb je al een beeld van Matsuyama? Nee hè? Goed zo. Daarom is het nou zo'n ontzettend leuke stad!
Nog even hoor, want ik vergeet natuurlijk de belangrijkste attractie waar iedere Japanner voor naar Matsuyama komt: de Dogo Onsen, de beroemste hotspring van het land. Loop eens om het schitterende bouwwerkje heen en voel je even in het Japan van heel lang geleden. Maar kijk vooral niet verder om je heen want het icoon is ingesloten door de moderne stad, zoals de ingang tot een lawaaierige shoppingarcade, waar talloze toeristische winkeltjes hun waren aanprijzen.
Toen ik hier de eerste keer liep zag ik iets dat mij bijna deed struikelen over een peuter. Het was vrij stil en de weinige mensen die er winkelden, liepen tot mijn verbazing klikklakkend op houten slippers en.. in een kimono!! Huh, dacht ik. Ben ik hier op de een of andere vreemde manier per ongeluk in de shoppingmall van een vijfsterrenhotel terechtgekomen? Nee, het is een leuke traditie van de Dogo Onsen om de gasten na het badderen hier te laten rondlopen in hun badder-outfit. En ze hebben allemaal - mannen ook - een of ander verwijft houten bokaaltje aan een heel dik gevlochten touw aan hun hand hangen. Ik denk om hun aankkopen in te doen.
Afijn, ik beweeg mij drie dagen lang in de heerlijke 'onduidelijkheid' die Matsuyama heet en struin hippe koffieshops af, snuffel in smalle straatjes, ontmoet leuke mensen in het guesthouse en verhuis later naar een groot hotel.
Op de dag van vertrek hoef ik alleen nog de was te doen..
Ik denk die ochtend aan tien dingen tegelijk en loop gehaast met een tas vuile kleren en administratie naar de wasserette. Ik vul de trommel, druk op de knop en wil aan mijn administratie beginnen. Maar die kan ik nergens vinden. Ik had die toch...
O nee...
..In de tas met kleren gestoken. En die tas heb ik leeggekieperd in de trommel! Ik kijk als door een wesp gestoken in de trommel en zie een sneeuwbui aan witte vlokjes zich mengen met mijn kleren.
Slik...
Ik heb mijn mapbook, een notitieboek en mijn administratie - in plastic holders! - bij mijn kleren in de was gedaan. Het is, na zes weken hiken, de eerste stommiteit die ik uithaal, maar wel meteen een ernstige. Toch blijf ik uiterst koel en bereken de schade op belangrijkheid:
Kleren:.
Die zijn naar de knoppen want die plastic mappen smelten en leveren waarschijnlijk een soort geplastificeerde garderobe op. Oplossing? Outdoorshop.
Mapbook:.
Dat is lastiger. Als ik geen nieuwe kan vinden moet ik op mijn herinnering en de bewegwijzering lopen. Nog vierhonderd kilometer te gaan. Mmm.. Kan ik dat? Ja, sterker nog: dat vind ik wel een uitdaging! Moet ik meer op straat de weg gaan vragen, afhankelijkheid trainen en belabberde sociale contacten opkrikken. Karma? Wie weet, wellicht betekenisvolle ontmoeting in het verschiet? Alles is mogelijk.
Oplossing mapbook? Facebook!
Ttenslotte mijn handgeschreven administratie:
Niet zo belangrijk.
Ik wacht twintig zweterige minuten....
Als ik de trommel eindelijk kan opendoen slaak ik twee keer een zucht van verlichting. Ten eerste: dank voorzienigheid voor de Japanse gewooonte om....koud te wassen! Mijn kleren zijn gered, want ik haal er het onaangetaste plastic tussenuit. Ten tweede: al mijn kleren, behalve mijn wollen sokken, zijn van papiervlokjes-afslotend materiaal dus dat wordt slechts flink uitklappen in de badkamer. Alleen mijn sokken van wol, dat wordt serieus peuteren.
Op Facebook zegt Henro-guru David Moreton me dat ik naar Sen Guetshouse moet gaan waar ze me kunnen helpen een nieuw mapbook te vinden. Wel, dat pakt nog beter uit: ze verkopen ze zelfs!!
Moraal van het verhaal: haal alleen stommiteiten uit in grote steden.
Als ik de volgende dag vertrek heb ik een nieuw mapbook, een nieuwe notitieboek en opvallende pluizige sokken. Ik verlaat Matsuyama via de kustroute. Ondanks een heerlijke tijd daar voel ik me onrustig. Hoe ga ik deze heerlijke 'mentale vertraging' op ongeplande plekken, koffieshops en het schrijven, kortom, die nieuwe houding naar alles in mijn leven, hoe ga ik dat continueren zonder dwang, als ik terug in Nederland ben?
Hoe continueer je iets zonder dwang?